Eén van mijn voornemens voor het nieuwe jaar is om me niet meer te verstoppen als ik me klein en kwetsbaar voel. Om me niet meer veilig op mijn eilandje te verschansen, als ik me fragiel en wiebelig voel, maar mijn gevoelens te delen met de dierbaren om me heen. Om uit te reiken met alle emoties die er op dat moment zijn. Niet via appjes of smsjes, niet achteraf als ik het allemaal in mijn eentje moedig heb doorgewerkt, maar in het moment zelf, wanneer ik me het aller teerst voel. En met mijn stem. Want dat vind ik het spannendst.

Het voornemen voelt als een flinke uitdaging. Ik ben zo gewend om moeilijke momenten in mijn eentje te ‘processen’. Met alle opgebouwde ‘wijsheid’ fungeer ik als mijn eigen coach, stel mezelf de vragen die ik een ander zou stellen, herken en doorzie mijn patronen, haal mijn oordelen en verwachtingen onderuit, doorvoel mijn verdriet, boosheid of frustratie, ga over naar begrip en breng mijzelf via meditatie of spirituele teksten weer naar het licht. Ik steek een kaarsje aan en de Boeddha glimlacht tevreden in de vensterbank.

Het is een veilige manier
van mijn spiritualiteit leven

En zo ben ik mijn eigen muze. Creëer ik stof voor de volgende blog. Die ik vervolgens weer in mijn eentje schrijf en in mijn eentje de wereld inzend. Het is een veilige manier van mijn spiritualiteit leven. Enigszins gecontroleerd kun je zeggen. Daar is op zich niets mis mee. Het brengt groei en helderheid, het brengt anderen groei en helderheid, maar… het is ook bij tijd en wijle een eenzame route.

Mijn voornemen is om die reis niet meer alleen te maken. Om te vertrouwen dat ik ook de moeite waard ben in mijn wanhoop, mijn verdriet, mijn eenzaamheid. Want daar ligt de angst, die mij zo zorgvuldig beschermt: ben ik ook welkom als ik me klein en kwetsbaar voel? Als ik niet de wijze vrouw ben, maar het even helemaal niet meer weet? Iets in mij is daar zo bang voor: dat de deur dicht is, als ik aanklop en me dan pas echt alleen zal voelen.

De deur was dicht toen ik
mijn kwetsbaarheid wilde delen

Kennelijk zit er ergens in mijn persoonlijke geschiedenis, toen ik nog heel klein was, een soortgelijke ervaring. De deur was dicht toen ik mijn kwetsbaarheid wilde delen. ‘Nooit meer dat verlaten gevoel’ moet ik innerlijk hebben besloten. En daar stond de stoere Nanette op. Overtuigde zichzelf: Ik kan het wel alleen. En dat kon ze. Ze beschouwde het als haar kracht. En dat was het ook. Als kind altijd alleen op stap, alleen al jong op reis, alleen in the middle of nowhere wonen. Ze genoot ervan. Het gaf enorm veel vrijheid. En ze zette er mooie dingen mee in de wereld. De bloeiende praktijk Innersteps is daar een voorbeeld van.

Maar diep verborgen, achter dat succes komt er nog altijd op kwetsbare momenten dat verlaten gevoel terug. Ook al zijn er dierbare vriendinnen en vele warme contacten.  Als het om die gevoelige momenten gaat, dan neig ik nog steeds naar het veilige ‘Ik kan het wel alleen’.  En daar, zo voel ik nu, doe ik mezelf enorm tekort. Ik negeer het onderliggende grote verlangen naar contact en verbinding. Juist dan. Juist op die verloren momenten.

Ik sluit een deel van mijzelf uit,
als ik mijn kwetsbaarheid niet in relatie breng

Ik weet, dat als ik dán uitreik, als ik dan in al mijn fragiliteit deel wat er in me leeft, het leven zoveel meer kan stromen. Ik sluit een deel van mijzelf uit, als ik mijn kwetsbaarheid niet in relatie breng. Ik ontneem mijzelf de sprankeling en levendigheid van werkelijk in contact zijn met alles wie ik ben. Feitelijk geef ik mijn hartsenergie niet de kans om volledig te stromen. Ik verbind mijzelf niet tot in het diepst van mijn wezen.

Doe ik dat wel dan gebeuren er zulke mooie dingen. Zijn de contacten zo rijk. Voel ik dat ik werkelijk leef. Met alles in mij. En dat is wat ik mijzelf en een ieder die dit leest toewens: het leven te kunnen leven in al zijn volheid. Aho.