De woorden liefde en respect zijn de laatste tijd vaak in mijn gedachten. In mijn ogen kunnen ze niet zonder elkaar. Zijn ze onlosmakelijk met elkaar verbonden. Ware liefde heeft respect voor wie de ander is en hoe hij of zij denkt. Ware liefde toont interesse in wat de ander beweegt. Ware liefde kent een openheid naar het anders zijn en een nieuwsgierigheid naar het onbekende. Ware liefde maakt een buiging voor de goddelijke kern die in al het andere schuilt. Ook voor dat wat zo lelijk lijkt of niet te begrijpen valt. En zelfs voor dat wat tegen al je eigen waarden lijkt in te druisen.

Ik geloof dat die respectvolle liefde onze ware natuur is. En ik vraag me af, waarom we er telkens zo ver van afdwalen. Waarom word ik zo boos, en verlies ik dat respect, als ik een dierbare dingen zie doen, die in mijn ogen niet rechtvaardig zijn. Waarom word ik geïrriteerd als ik op Facebook meningen langs zie komen, die zo niet kloppen met mijn visie op het leven. Waarom word ik eigenlijk altijd zo godvergeten kritisch als mensen heel dichtbij me komen?

En om me heen zie ik het ook. Dat gebrek aan respect. Ik zie een vriend foeteren op zijn vrouw, die dood ongelukkig is en hem wil verlaten. Hij laat niets meer van haar heel. En ondertussen blijft hij maar roepen hoeveel hij van haar houdt. Maar ik zie het niet. Ik zie de liefde niet. Ik zie niet dat hij werkelijk interesse heeft in de gevoelens waar zijn vrouw mee worstelt. Ik zie geen zorg. Geen openheid. Geen respect en ook geen vragen. Alles is dichtgetimmerd in dat ene ooit geschoten, maar inmiddels vergeelde plaatje: dat schijnbaar gelukkige huwelijk, waar door niemand aan getornd mag worden. Scheiden doe je niet. Punt.

Geven we de liefde een kans
als we vasthouden
aan de plaatjes in ons hoofd?

Geven we de liefde een kans als we vasthouden aan de plaatjes in ons hoofd? Als we weigeren de beweeglijkheid en vergankelijkheid van het leven te respecteren? Jij hebt ooit een keuze gemaakt, en die mag je nooit meer veranderen. Jij bent mijn kind, mijn partner, mijn landgenoot en je moet zus zijn en je zo gedragen. En gebeurt dat niet, dan heb ik daar last van. Mijn pijn is jouw schuld. Dus jij moet veranderen om mijn plaatje weer kloppend te maken. En doe je dat niet, dan word ik boos. Dan voel ik me tekort gedaan.

Waar is het respect voor de eigenheid en de drijfveren van de ander? Hoe kan de liefde stromen als je hem wil kaderen?

In spirituele kringen zie je dat boosheid over zich tekort gedaan voelen, nogal eens goed gepraat wordt door de term delen. Ik wil met je delen waar ik zit. Ik wil gehoord worden. Ik wil me uitspreken. Delen lijkt dan eerder begrip willen halen, en stiekem hopen dat die ander sorry zegt, dan in alle kwetsbaarheid je eigen openheid schenken.

Als je echt alleen maar wilt delen, ben je dan bereid je plaatjes en verwachtingen los te laten? Ben je bereid de versie van die ander zonder oordeel  te ontvangen? Ben je er eigenlijk wel oprecht nieuwsgierig naar? Pas dan uit je respect voor die ander en geef je de liefde kans te stromen.

Ik vind het een hele klus.
Om die zuiverheid te bewaren.
Om niet in oordelen te vervallen.

Ik vind het een hele klus. Om die zuiverheid te bewaren. Om niet in oordelen te vervallen. Om mezelf niet hoger te plaatsen dan die ander.

We beschermen onszelf met al die plaatjes van hoe we vinden dat iets moet zijn. We verkleinen de wereld. En de veiligheid die we daar ogenschijnlijk mee creëren is eerder benauwend dan verruimend. En het schept afstand. Het geeft ons niet waar we zo hard naar verlangen: liefde, verbinding, warmte, zachtheid.

Als ik weer eens verstrikt zit in mijn eigen plaatjes en woede en irritatie de overhand nemen, probeer ik afstand te nemen om te zien welk plaatje ik mezelf voorhoud. Dat geeft mij de mogelijkheid te zien wat de oorzaak is van mijn boosheid. Ik snap het en eigen daarmee mijn boosheid toe. Mijn boosheid. Mijn irritatie. En ik geef de boosheid permissie om zich te uiten. Soms gebeurt dat knorrend, soms huilend, soms schreeuwend. Niet in het bijzijn van die ander. Maar gewoon, in mijn eigen ruimte.

Dat is al een hele stap, want de neiging is mijn boosheid of verdriet te onderdrukken. Maar de hogere liefde is all inclusive. De hogere liefde gaat over waardering voor alles. Ook voorde woede en de irritatie. Maar ze ook zien waar ze horen. Hier bij mij en niet bij die ander.

En als het verbindend werkt, dan deel ik mijn gevoelens. Rustig. Vanuit kalmte. Dan deel ik wat mijn plaatje was. En hoe ik de ander daarin wilde proppen. En ik vraag hoe het bij die ander zit. Wat is jouw plaatje? En wat is eigenlijk de realiteit? En komt die wel overeen met onze beelden?

En als ik het echt niet meer weet. Als de verkramping te hardnekkig is, vraag ik me altijd af: Wat zou de Boeddha doen in dit geval? Het antwoord is steevast helder. De actie altijd liefdevol.

 

Heeft dit artikel je geraakt?

En zou je meer van Nanette willen lezen? Abonneer je op haar blogs door het formulier onderaan de pagina in te vullen of lees hier meer over haar troostrijke boek Zen in de Chaos.


De blogs op de site van Innersteps dienen als ondersteuning aan coaches die zich breed willen blijven scholen. Wil jij zo zuiver mogelijk naast die ander staan, stevig en geaard, vrij van projecties en ‘beter’ weten, dan vraagt dat om een grote mate van bewustzijn op je eigen zijn en functioneren. Telkens weer zien waar je verstrikt zit in een oud verhaal, waar angst domineert en leren hoe je die betovering kan doorbreken en naar vertrouwen kan bewegen. Daar gaan al deze blogs over.

De beste investering die je als coach kan doen, is werken aan je eigen persoonlijke groei. Aan jouw persoonlijk leiderschap. Uiteindelijk geldt dat voor iedereen die op zoek is naar geluk en bezieling in zijn of haar werk. Daarom zijn ook de lezers die geen coach zijn, uiteraard van harte welkom om mee te lezen.