Wat is ware compassie? Is het de ander troosten en opbeuren als die verdrietig is? Is het zoeken naar oplossingen om de ander uit de ellende te helpen? Is het verzachtende omstandigheden creëren, om de pijn te verminderen? Of is het met oprechte interesse nieuwsgierig zijn naar wat de ander doormaakt? Geen oplossingen aandragen, maar vragen stellen. Wat ervaar je precies? Hoe is dat voor je? Wat gaat er allemaal door je heen?

Ik denk dat iedere lezer voelt, dat ware compassie ligt in die open nieuwsgierigheid. De liefdevolle aandacht voor wat is. Daar met die ander zijn. Een ander woord voor compassie is mededogen. Mede-dogen. Mede-voelen. Niet weg van het voelen, door troosten, opbeuren, oplossingen aandragen die verandering brengen, maar de ander simpelweg laten delen in de pijn die er is. En daar samen mee zijn.

Toch is bij de meesten van ons de neiging groot om in de ‘helpers’ rol te schieten. Kennelijk kunnen we het zelf moeilijk verdragen de ander in pijn of ellende te zien. Dus moet die pijn zo snel mogelijk verminderd worden. Niet alleen voor die ander, maar onbewust ook voor onszelf. En als we daarin van betekenis kunnen zijn, geeft dat ons ook nog eens een fijn gevoel. Maar is die ander daar werkelijk mee geholpen?

Het is fijn als er troost is en afleiding.
Maar je wilt ook dat er eerst
afstemming is met jouw gevoel.

Stel het je eens voor. Je voelt je naar en verdrietig. Dan is het zeker fijn als mensen hulp aanbieden en aan je denken. En het is ook fijn als er troost is en afleiding. Maar je wilt ook dat er eerst afstemming is met jouw gevoel. Als daar te snel overheen gefietst wordt en de helper meer met zijn eigen hulpplan bezig is, dan waar jij uithangt, wordt het moeilijk die hulp werkelijk te ontvangen. Dan is er weinig verlichting en voel je je diep van binnen nog eenzamer in je narigheid.

Emoties vinden we lastig. Ziekte en pijn ook. Ik merk het met mijn Lyme. Mensen dragen liever oplossingen aan -therapeuten die ik moet bezoeken, hoe ik nog beter kan ontgiften, wat ik beter wel en niet kan eten, welke sporten ik moet doen- dan werkelijk nieuwsgierig te zijn naar wat zich binnen in mij afspeelt. De vraag ‘Hoe is het’? Wordt vaak genoeg gesteld, en dat is absoluut fijn, maar ‘hoe voelt het? Hoe is het voor je? Hoe ga je ermee om?’ die interesse mis ik soms. Daar zit geen oordeel op. Ik zie het mezelf ook vaak genoeg doen. Te snel in de analyse. Te snel wijze woorden geven om de boel te verzachten. En ik ben nog wel vragensteller van beroep.

We zijn het niet gewoon om niet-iets te doen. Om alleen maar stil te zijn, te luisteren wat er gedeeld wil worden en daartoe uitnodigende vragen te stellen. Misschien wel omdat we dan te dicht bij die pijn van die ander komen. Onbewust worden we daar ongemakkelijk van. Pijn is niet fijn. Grote pijn, uitzichtloze pijn al helemaal niet. Liever druk met doen, dan druk met mede-dogen.

We beseffen niet altijd hoe eenzaam de weg is
van die iemand die lijdt

Het helpen is werkelijk goed bedoeld, maar we beseffen niet altijd hoe eenzaam de weg is van  iemand die lijdt. Of je nu lijdt onder fysieke pijn, emotionele pijn, verlies of depressie. Het speelt zich in jou af, jij bent degene die het moet dragen. Dat is hoe dan ook een weg die je alleen moet bewandelen. Maar hoe fijn is het dan als er iemand naast je kan lopen, die er werkelijk even is. Die niet gelijk druk is met hoe het allemaal verder moet, maar werkelijk interesse toont in hoe het nu is. En daarin stil met je kan zijn. Kun je het voelen? Wat een verschil dat kan zijn?

Eerst zijn, dan doen. Eerst luisteren en meevoelen. Eerst vragen, dan pas meedenken. Laten we daarin oefenen. Oefenen in afstemmen en tijd nemen om contact te maken met waar die ander is. En dat is ook een mooie oefening als iemand niet zichtbaar lijdt. We kunnen nog zoveel dichterbij elkaar komen dan we nu zijn. En volgens mij verlangen we er allemaal naar. Naar dat wezenlijk contact, waarin ik jou zie en jij mij en ik voel waar jij bent en jij waar ik ben en dat we daar in stilte van kunnen genieten, zonder dat er ook maar iets anders hoeft te zijn dan er nu is.